Inhoudsopgave
In 2024 en 2025 zijn 185 inheemse muurhagedissen van het Frontenpark verplaatst naar de kalkwanden in de Enci-groeve. Uit tellingen blijkt dat de muurhagedis het moeilijk heeft. In 2025 werden nog 15 muurhagedissen geteld. "Dat lijkt weinig, maar de hoge kalkwanden zijn onoverzichtelijk, waardoor veel dieren zich aan het zicht onttrekken. Ook zijn niet alle dieren op elk moment van de dag actief of zichtbaar", meldt het CNME.
Het CNME: "Daarnaast kan de overleving in de eerste fase na een herintroductie lager zijn. Een verplaatsing brengt stress met zich mee en dieren moeten opnieuw hun territorium veroveren." De verwachting is dat er toch voldoende basis is voor een gezonde populatie.
"In 2024 en 2025 verplaatsten we vanuit het project in totaal 184 inheemse Maastrichtse muurhagedissen van het Frontenpark naar hun voormalige leefgebied op de Sint‑Pietersberg. CNME, RAVON en Natuurmonumenten werkten samen om het leefgebied van de soort uit te breiden en de totale Maastrichtse populatie te versterken. Een tweede populatie opbouwen is bovendien belangrijk voor risicospreiding, bijvoorbeeld bij mogelijke reptielenziektes."
In de Oehoevallei op de Sint‑Pietersberg kregen 65 volwassen, 38 eenjarige en 81 juveniele muurhagedissen een nieuwe plek. Deze vallei biedt geschikte omstandigheden: zongerichte kalkwanden met veel structuur, zoals scheuren en spleten. Tijdens het project zijn diverse biotoopmaatregelen uitgevoerd in de Oehoevallei en rond de piramidevormige rotsformaties in de ENCI‑groeve. Zo zijn extra overwinteringsholen geboord, steenhopen aangelegd en is opslag van struiken en bomen verwijderd om schaduw tegen te gaan.
"Sinds 2024 monitoren we de nieuwe populatie. De Oehoevallei wordt daarbij zeven keer per jaar bezocht en tijdens ieder bezoek noteren we alle waarnemingen van muurhagedissen. Door dit langere tijd vol te houden, krijgen we inzicht in de ontwikkeling van de populatie."
Muurhagedissen zullen naar verwachting ook de gebieden rondom de Oehoevallei gaan verkennen. Daarom heeft CNME in 2025 een oproep gedaan om waarnemingen op de Sint‑Pietersberg door te geven via een speciaal invoerportaal. In 2025 kwamen er nog geen meldingen binnen van dieren buiten de Oehoevallei. De oproep blijft ook de komende jaren relevant om zicht te krijgen op de verspreiding van de soort.
Het CNME: "Met de herintroductie ligt er nu een stevige basis voor een nieuwe populatie muurhagedissen op de Sint‑Pietersberg. De verwachting is dat de soort zich hier opnieuw blijvend zal vestigen. De berg biedt veel geschikte plekken waar de muurhagedis zich thuis kan voelen. Als gidssoort voor rotsmilieus geeft zijn aanwezigheid bovendien inzicht in de kwaliteit van deze biotopen en de verbindingen binnen het landschap."

