Inhoudsopgave
VVD-wethouder John Aarts is de geestelijk vader van wat in de volksmond de 'roej tuut' wordt genoemd. De rood-witte restafvalzak. Aarts draagt de 'roej tuut' nu zelf ten grave, in opdracht van de gemeenteraad.
Maastricht stapt met ingang van dit jaar om te beginnen in Limmel, Nazareth en Amby over op zo'n 45 ondergrondse restafvalcontainers. In 2030 moet de hele stad voorzien zijn, het centrum is het laatste aan de beurt. Dat wordt de "meest kwetsbare locatie" genoemd.
Bewoners kunnen straks een gewone grijze zak kopen die weggooien wanneer ze willen. Per opening van de ondergrondse container gaat dat 1.19 euro kosten, achteraf te betalen via de belastingaanslag van de BSGW. Met een milieupasje kun je de container per keer openen. Voordeel is ook, zeker in de zomer, dat de kleine emmertjes voor groente-, fruit en etensresten (GFE) straks overbodig zijn.
De gemeente leegt de containers als de vulgraad circa 80% is. Daarmee wordt ook het ophalen efficiënt geregeld.
De stad wil nu in gesprek met de bewoners van de eerste drie stadsdelen. Ze krijgen inspraak en mogen meedenken als het gaat om de vraag waar de containers een plekje moeten krijgen. Die inspraak is beperkt: containers mogen bijvoorbeeld maximaal 200 meter van een woning of appartement verwijderd zijn.
Het aanleggen van die ondergrondse containers klinkt eenvoudig, maar er moet rekening worden gehouden met vrijwel altijd een beperkte ruimte. Wat wil je houden: groen of parkeerplaatsen? En hoe zit het met de ondergrondse kabels, leidingen en andere infrastructuur? Geschat wordt dat een ondergrondse afvalcontainer inclusief alle kosten zo'n 25.000 euro per stuk gaat kosten.
Maastricht wil zoveel als mogelijk het beleid in stand houden dat het restafval zo min mogelijk wordt aangeboden. De 54 milieuperrons blijven, net als het huis-aan-huis ophalen van het PMD. Een ambtenaar van Stadsbeheer: "Restafval bestaat eigenlijk nauwelijks. Het is eerder het laatsje restje ongesorteerd afval.