Inhoudsopgave
Het StartersCentrum Limburg en het Center for Entrepreneurship and Innovation van Maastricht University kunnen niet langer rekenen op een vanzelfsprekende subsidie van de gemeente Maastricht. Ze moeten voortaan, net als andere organisaties, een aanvraag indienen voor het beschikbare geld. Het college waarschuwt zelf dat verlies of een forse verlaging van de Maastrichtse bijdrage het voortbestaan van het StartersCentrum onder druk kan zetten.
Dat blijkt uit de nieuwe Subsidieregeling Begeleiding Startende Ondernemers, waarmee het college heeft ingestemd. Maastricht stelt voor vier jaar jaarlijks 170.000 euro beschikbaar, vermeerderd met indexering. Per organisatie kan maximaal 75.000 euro per jaar worden toegekend. Het budget stond al in de begroting: de verandering zit vooral in de manier waarop het wordt verdeeld.
De regeling gaat op 1 november 2026 open voor aanvragen van non-profitorganisaties die startende ondernemers begeleiden. Ook andere aanbieders kunnen daardoor aanspraak maken op geld dat voorheen rechtstreeks aan bestaande organisaties werd toegekend.
Voortbestaan onder druk
Maastricht subsidieert het StartersCentrum Limburg al meerdere jaren, samen met de overige Zuid-Limburgse gemeenten en Roermond. Die vaste subsidierelatie biedt voortaan geen garantie meer.
Het college benoemt de mogelijke gevolgen nadrukkelijk. "Beëindiging of een aanzienlijke verlaging van de Maastrichtse subsidie kan leiden tot een forse verslechtering van de financiële positie van het StartersCentrum. Daarmee kan ook het voortbestaan van de stichting onder druk komen te staan. Dat zou direct gevolgen hebben voor de begeleiding van startende ondernemers in Zuid-Limburg."
Voor het Center for Entrepreneurship and Innovation van Maastricht University noemt het college een vergelijkbaar scenario van subsidieverlies of verlaging. Het stuk stelt niet dat daarmee ook het voortbestaan van dit universitaire centrum wordt bedreigd.
Bij het beëindigen of substantieel verlagen van de bestaande subsidie moet Maastricht volgens het college wel een redelijke afbouwtermijn hanteren. Van een besluit om de subsidie daadwerkelijk te stoppen, is in het voorstel nog geen sprake.
Uitspraak Raad van State
De verandering houdt rechtstreeks verband met de uitspraak van de Raad van State van 23 juli 2025. De hoogste bestuursrechter bepaalde dat ook bij begrotingssubsidies in beginsel ruimte moet worden geboden aan andere gegadigden wanneer sprake is van schaarse subsidiemiddelen. Een jarenlange samenwerking is op zichzelf onvoldoende om concurrenten buiten de deur te houden. Een uitzondering blijft mogelijk wanneer op basis van objectieve, toetsbare en redelijke criteria slechts één serieuze gegadigde in aanmerking komt.
De Nieuwe Ster schreef eerder over de gevolgen voor Maastricht. Wethouder Manon Fokke kondigde een onderzoek aan naar bestaande rechtstreekse subsidies. Vervolgens werd bekend dat de gemeente 61 begrotingssubsidies onder de loep nam om te beoordelen of ook andere aanbieders een kans moesten krijgen.
Ook de subsidies voor de Kerststal van Nederland, het Sphinx Debatcentrum en Stichting BuurtBalans kwamen aan bod. Bij die toekenningen beriep Maastricht zich op eerder gedane toezeggingen en het belang van een betrouwbare overheid om de bijdragen alsnog rechtstreeks te verstrekken.
Met de startersregeling krijgt de nieuwe werkwijze nu concreet vorm. Maastricht wil de begeleiding van ondernemers blijven financieren, maar de huidige ontvangers moeten voortaan meedingen. Juist de organisaties waarvan het college de maatschappelijke en economische waarde benadrukt, krijgen daarmee onzekerheid over hun toekomstige inkomsten.


Al ons nieuws is en blijft gratis, maar waardeert u ons werk, steun dan De Nieuwe Ster.
