Inhoudsopgave
In de eerste tekening houdt Guiseppe Noteborn zijn verkiezingsbeloften omhoog. In de tweede verdwijnen ze in de prullenbak. In de derde zit hij op het rode pluche. Een strip versimpelt en overdrijft, maar de volgorde klopt pijnlijk goed.
De Maastrichtse VVD maakte van de voorrang voor statushouders bij sociale huurwoningen een speerpunt. Noteborn sprak er tijdens de campagne met grote stelligheid over. Maar in de verkenningsfase, nog vóór de coalitieonderhandelingen goed en wel begonnen waren, stemde de VVD ermee in de bestaande regeling voorlopig te handhaven. Anders zouden de liberalen linea recta in de oppositiebankjes plaats kunnen nemen, zo was de boodschap van Marlou Jenneskens van D66.
Volgens Noteborn bleef zijn standpunt hetzelfde; hij kon alleen tellen en zag dat er geen meerderheid voor was. Dat is een verdedigbare uitleg van hoe een gemeenteraad werkt. Maar een kiezer mag zich afvragen waarom zijn partij dan zo snel tekende bij het kruisje. Zeker voor de VVD-kiezers is die vraag relevant.
Dan de portemonnee. De VVD beloofde in haar verkiezingsmateriaal geen verhoging van de OZB buiten een inflatiecorrectie. De begroting voor 2027 zet daar een stijging van 8,3 procent tegenover. De VVD zal zeggen dat het om indexering gaat. Prima. Leg dan aan de mensen die dat foldertje kregen helder uit waarom 8,3 procent past bij de belofte hun portemonnee te beschermen. Een verkiezingsleus is geen klein lettertje in een verzekeringspolis.
Natuurlijk moet je in een coalitie compromissen sluiten. Niemand verwacht dat een partij met een paar zetels haar hele programma kan uitvoeren. Maar hier gaat het om twee punten waarmee de VVD zich nadrukkelijk aan kiezers presenteerde. Juist dan moet Noteborn kunnen aanwijzen wat hij ervoor terugkreeg. Welke concrete VVD-resultaten maken deze concessies voor zijn kiezers de moeite waard? Dat is niet het mobiliteitsbeleid, want dat leest toch echt alsof GroenLinks penvoerder is geweest. De mededeling dat de partij nu kan meebesturen, is geen antwoord. Het wethouderschap is een middel, geen verkiezingsbelofte.
En dat wethouderschap kan alleen een middel zijn als je niet alleen je oren laat hangen naar ambtelijke adviezen, zoals bij de casus Populierweg 106 is gebeurd. Noteborn had hier gemakkelijk een keer het verschil kunnen maken. Hij deed het niet. Zo blijven ambtenaren de baas.
De schade reikt verder dan de VVD. Als standpunten tijdens coalitie-onderhandeling zo snel in de vuilbak worden gekieperd, waarom dan nog een keer gaan stemmen. Ze doen toch wat ze willen! Inderdaad, daar lijkt het dan verdacht veel op.
Of Noteborn zijn idealen heeft opgeofferd om zelf wethouder te worden, weten alleen hij en zijn medeonderhandelaar. We kunnen slechts gissen naar zijn werkelijke motieven.
Hij moet in de spiegel kijken en zich afvragen of hij de VVD-kiezers nog recht in de ogen kan kijken. Dat geldt ook voor zijn fractie: is dit wat er over is van de VVD in Maastricht? Wanneer staat de fractie op?
Het volgende dossier dient zich alweer aan: Intratuin. Dat onderwerp staat in oktober op de politieke agenda. De VVD is tegenstander van de verruiming van de horeca-faciliteiten, want dat zou het goudklompje binnenstad kunnen schaden. Ook in dit dossier is de VVD altijd fel geweest. Benieuwd wat er bij de liberalen gebeurt als er straks toch een meerderheid in de raad is die Intratuin dan eindelijk tegemoet wil komen.
Tot die tijd is de vraag gerechtvaardigd wat hij op dat rode pluche namens de VVD nog te zoeken heeft. Niet omdat een wethouder nooit mag toegeven. Wel omdat je uiteindelijk toch ergens voor je idealen moet gaan staan. Waarom ben je anders de politiek ingegaan.

Al ons nieuws is en blijft gratis, maar waardeert u ons werk, steun dan De Nieuwe Ster.