Inhoudsopgave
Een storemanager van een modewinkel in Maastricht is terecht op staande voet ontslagen nadat in drie maanden tijd ruim 23.000 euro aan contante omzet bleek te ontbreken. Toch hoeft de man dat enorme kasverschil niet terug te betalen. Volgens de rechter staat niet vast dat hij het geld zelf heeft gestolen.
De man werkte sinds 27 oktober 2025 als storemanager in het Maastrichtse filiaal van een winkelketen. Begin februari sloeg de afdeling Finance alarm. Uit onderzoek bleek dat over een periode van drie maanden in totaal 23.408,20 euro aan contante omzet werd vermist.
De werkgever wilde daarover met de manager in gesprek, maar afspraken op 13 en 18 februari gingen niet door. Op 24 februari meldde de man zich ziek. Diezelfde dag werd hij op staande voet ontslagen. De werkgever voerde daarvoor drie redenen aan: de problemen met de kluis en kassa, het meenemen van kleding uit de winkel zonder daarvoor te betalen en het herhaaldelijk te laat openen of te vroeg sluiten van de winkel.
Voor de kantonrechter in Rotterdam, waar de zaak diende, woog vooral zwaar wat er met het contante geld was gebeurd. Vaststaat dat de storemanager op 25 november 2025 en 6 januari 2026 geldtransporten van Brinks annuleerde, terwijl er op die dagen wel genummerde sealbags met contant geld in de winkel aanwezig waren. Als storemanager was hij verantwoordelijk voor de overdracht daarvan aan Brinks.
Een verklaring voor het annuleren van die transporten kon hij niet geven. Zelfs als de manager het geld niet zelf heeft weggenomen, had hij volgens de rechter op zijn minst binnen de organisatie moeten melden dat er geld ontbrak. Dat deed hij niet. Alleen dat handelen was volgens de kantonrechter, gezien zijn verantwoordelijkheid als storemanager, al ernstig genoeg voor ontslag op staande voet.
Opvallend genoeg betekent dat niet dat hij ook voor de verdwenen 23.408 euro moet opdraaien. De werkgever eiste dat bedrag terug, maar de rechter vindt dat onvoldoende is bewezen dat de storemanager het geld daadwerkelijk zelf heeft gestolen. Dat hij het kasverschil niet meldde en de situatie daarmee in stand hield, maakt hem nog niet automatisch tot de dief. In een strafzaak tegen de man is bovendien nog geen uitspraak gedaan. De claim van ruim 23.000 euro werd daarom afgewezen.
Ook kleding uit de winkel speelde een rol. Personeelsleden mochten tijdens hun werk kleding uit de zaak dragen. De storemanager stelde dat hij één spijkerbroek mocht houden en andere gedragen kleding later mocht afrekenen. Hij had naar eigen zeggen zelfs de prijskaartjes bewaard om tijdens een kortingsactie alsnog te betalen.
De rechter gaat daar niet in mee. Dat personeel kleding van de winkel tijdens het werk mag dragen, betekent niet dat die kleding zonder uitdrukkelijke toestemming mee naar huis mag worden genomen. Zolang er niet voor is betaald, blijft de kleding eigendom van de werkgever. Voor de kleding moet de voormalige storemanager wel betalen: 869,55 euro. Dat hij mogelijk van plan was later alsnog af te rekenen, verandert daar volgens de kantonrechter niets aan.
Ook met de openingstijden nam de manager het niet altijd even nauw. Hij erkende dat hij de winkel soms vóór de officiële sluitingstijd dichtdeed. Toestemming daarvoor had hij niet.
Van een winkelmanager mag volgens de rechter worden verwacht dat hij in het belang van het bedrijf handelt. Door eerder te sluiten, kunnen klanten voor een dichte deur zijn komen te staan en kan de winkel omzet zijn misgelopen. De werkgever wilde ook de schade van het vroegtijdig sluiten vergoed krijgen. Die claim strandt. De winkelketen kon volgens de rechter niet overtuigend aantonen hoe vaak en hoe lang de winkel te vroeg dicht was. Over de berekening van 6,5 uur tegen 102,32 euro per uur waren bovendien verschillende verklaringen afgelegd. Die onduidelijkheid komt voor rekening van de werkgever.
Per saldo blijft het ontslag op staande voet overeind. De voormalige storemanager krijgt geen transitievergoeding of andere ontslagvergoeding. Integendeel: hij moet zijn voormalige werkgever 2.958,62 euro aan gefixeerde schadevergoeding betalen, plus 869,55 euro voor de meegenomen kleding. Ook komen 1.009 euro aan proceskosten voor zijn rekening. Het kasverschil van 23.408,20 euro hoeft hij op basis van deze procedure echter niet terug te betalen.

