Doorgaan naar artikel

'Gestopt' bedrijf moet loon zieke schilder doorbetalen

Annadal 1, rechtbank Maastricht. Beeld: Google Streetview

Inhoudsopgave

Een schildersbedrijf uit de regio Maastricht dat zijn activiteiten onder een nieuwe bv heeft voortgezet, moet het loon van een zieke werknemer alsnog doorbetalen. Dat heeft de kantonrechter in Maastricht bepaald. Volgens de rechter kan een werkgever zich niet aan bestaande arbeidsovereenkomsten onttrekken door simpelweg een bedrijf te beëindigen en de activiteiten onder een andere naam voort te zetten.

De zaak draaide om een schilder die sinds maart 2024 in dienst was en sinds juli van dat jaar arbeidsongeschikt is. Eind 2025 werd het oorspronkelijke schildersbedrijf uitgeschreven bij de Kamer van Koophandel. De werkgever richtte vervolgens een nieuwe bv op waarin de activiteiten werden voortgezet.

De werknemer kreeg een nieuw arbeidscontract aangeboden, maar weigerde dat te ondertekenen. Daarop stelde de werkgever dat de arbeidsovereenkomst met het oude bedrijf per 31 december 2025 was geëindigd, omdat dat bedrijf was opgeheven. Op 4 maart 2026 werd de werknemer daarvan schriftelijk op de hoogte gebracht en stopte de loonbetaling.

De kantonrechter ging daar niet in mee. Volgens de rechter is sprake van een overgang van onderneming. Dat betekent dat de werkzaamheden, de werknemers en de identiteit van het bedrijf feitelijk zijn voortgezet binnen de nieuwe bv.

Tijdens de zitting verklaarde de werkgever zelf dat de herstructurering op advies van de boekhouder had plaatsgevonden. De verschillende ondernemingen waren samengebracht in één bedrijf en vrijwel alle werknemers waren meegegaan. Alleen de betreffende schilder niet, omdat hij het nieuwe contract niet had ondertekend.

Juist dat laatste maakt volgens de rechter geen verschil. Bij een overgang van onderneming gaan de rechten en plichten uit de bestaande arbeidsovereenkomst automatisch over op de nieuwe werkgever. Een werknemer hoeft daarvoor geen nieuw contract te tekenen.

Omdat de arbeidsovereenkomst juridisch nooit is geëindigd, moet de werkgever het achterstallige loon vanaf 23 februari 2026 alsnog uitbetalen. Daarbovenop komen de wettelijke verhoging wegens te late loonbetaling en de wettelijke rente.

Ook moet de werkgever het volgens de werknemer nog openstaande loon over november 2025 betalen. Daarnaast moet hij de ontbrekende loonstroken alsnog verstrekken. Doet hij dat niet, dan verbeurt hij een dwangsom van 100 euro per dag, met een maximum van 2.500 euro.

Behalve de loonvorderingen moet de werkgever ook ruim 1.100 euro aan proceskosten betalen.

Gratis nieuwsbrief, niks meer missen
Wilt u ook van maandag tot en met zaterdag vóór 6.00 uur het laatste nieuws over Maastricht in uw mailbox? Meld u dan gratis aan voor de nieuwbrief van De Nieuwe Ster. Meer dan 20.000 trouwe lezers gingen u al voor. Het enige wat wij van u vragen

Laatste Nieuws

Ons nieuws is en blijft altijd gratis als je je inschrijft voor de gratis nieuwsbrief

Er is iets misgegaan. Probeer het later opnieuw

Bedankt voor uw aanmelding. Controleer uw e-mail om de inschrijving af te ronden