Inhoudsopgave
Het Nederlands elftal bereidt zich voor op het WK in de Verenigde Staten, Canada en Mexico. In 1988 deed Oranje dat ook, toen voor het EK in toenmalig West-Duitsland. De zogeheten uitzwaaiwedstrijd was op Kaalheide tegen Roda JC. Maastrichtenaar Eric van der Luer was er toentertijd als speler van Roda bij. Voor De Nieuwe Ster blikt hij terug op deze bijzondere dag.
Ruud Gullit op nauwelijks 200 meter van het Heiveldplein in Kerkrade-West. Marco van Basten idem dito. In het voorjaar van 1988, om precies te zijn op 5 juni, werd dat bewaarheid. Met de spelersbus tufte dit wereldvermaarde duo, samen met de rest van de Oranje-selectie en staf, het bergje af richting de parkeerplaats pal achter de toenmalige hoofdtribune van Stadion Kaalheide.
Gekleed in lichtblauw gekleurde trainingspakken zochten de matadoren van het Nederlands elftal zich daarna een weg door de catacomben van de Kerkraadse voetbalarena. Het Nederlands elftal dat, vlak voor de start van een Europees of mondiaal voetbaltoernooi, nog ‘even’ een oefenpot speelt tegen een club uit de Eredivisie of Keuken Kampioen Divisie; het is tegenwoordig bijkans ondenkbaar.
Maar 38 jaar geleden was dit dus wel degelijk een feit. Een oranje tussenstop van illustere voetbalsterren in het rijk der geel-zwarte krijgers, zoiets. Waar hordes toeschouwers, 13.000 in totaal, op afkwamen. Bijkans elke centimeter op Kaalheide was bezet door twee paar schoenen met bijbehorend lichaam. Terwijl spiedende ogen naar de groene speelarena tuurden.
Gedragen door een buikgevoel van bewondering. Volkshelden tegen de lokale balvirtuozen. Eric van der Luer, één van de beste middenvelders die Roda JC ooit gehad heeft maar toentertijd nog een opkomend groentje in het profvoetbal, mocht als één van de elf spelers de strijd aangaan met de heren Gullit, Bosman, Rijkaard, Vanenburg en consorten.
“Zeker was dat bijzonder toen”, vertelt de voetballer die was begiftigd met een majestueuze trap. “In zekere zin was dat duel ook irreëel. Normaal speelde je namelijk oefenwedstrijden tegen gelijke clubs. Stonden we in een keer tegen internationals te voetballen. Was voor ons als clubspelers echt een rare gewaarwording.”
Van der Luer (60) gniffelt. Dan: “Maar toen werden we wel degelijk nog serieus genomen als Roda JC zijnde, anders had toenmalig bondscoach Rinus Michels echt niet tegen ons gespeeld. Ik trainde op dat moment bij Roda mee, maar speelde in België bij FC Assent wedstrijden. Voor de wedstrijd tegen Oranje werd voor mij een uitzondering gemaakt.”
Mannetjesputter Jan Wouters tussen de witte kalklijnen in conclaaf met de blonde spelverdeler uit Maastricht. “Hoe het niveau op het veld was?” herhaalt Van der Luer hardop de aan hem gestelde vraag. “Je merkte dat er een bepaalde reserve was ingebouwd door spelers van Oranje. Bij ons als tegenstander. was dit ook zo. Wel maximaal maar niemand blesseren.”
De einduitslag werd overigens 4-1 voor het Nederlands elftal. Van der Luer: “Onterecht, hahaha.” Enkele weken later won Oranje overigens weer en schreef voetbalgeschiedenis. Maar toen zat de hele Roda JC-familie, samen met miljoenen andere landgenoten, voor de televisie. En was zelfs héél Nederland voor even oranje gekleurd.
