Inhoudsopgave
Het nu zo lege Atrium van het kantoorgebouw van Rijkswaterstaat aan de Avenue Céramique krijgt een indoor-park. In architectentaal een 'pocket park', een park dat past in je broekzak. De door het Rijksvastgoedbedrijf gecontracteerde architect presenteerde dinsdagochtend voor de Welstandscommissie zijn visie op het gebouw.
Het gebouw wordt een groene oase in stadsdeel Ceramique. De nieuwe gebruikers zijn behalve Rijkswaterstaat straks ook de Belastingdienst, de fiscale opsporingsdienst FIOD en de Raad voor de Kinderbescherming.
Volgens de architect Jeroen Steenvoorden heeft het Atrium in het grote kantoorgebouw nu nog een typische jaren-90 uitstraling. "Het lijkt wel op een stationshal", zei hij.
Hij wil het hele gebouw vergroenen, op de begane grond een ontmoetingsplek maken, een plek die uitnodigt om niet de liften maar de trappen te nemen. "Het gebouw zelf moet een landschapspark worden met looppaadjes. Er moet meer vitaliteit in. Er komen twee bomen in. Er komt een mooiere entree, de recepties gaan naar de zijkant. Het binnengroen loopt door tot aan de daktuinen."
En: "De plint moet transparant worden. Alle publieksfuncties gaan de naar de begane grond. Het nieuwe gebouw verbindt een hele reeks aan parken. Materiaal dat uit het gebouw komt wordt "radicaal hergebruikt"."
Voor commissielid Mark Feron, die zelf ook nog aan de Ceramique heeft meegewerkt, is de hamvraag hoe het gebouw uit zijn isolement gehaald kan worden. "Ik ken de situatie heel goed. Dit gebouw is altijd een doods eiland geweest. De plinten hebben geen plintfunctie. De aansluitende strakke gazonnetjes maken het ook nog tot een soort leegte."
Feron hield een sterk pleidooi om het gebouw van meer kanten toegankelijk te maken, in plaats van het uitsluitend een hoofdentree te geven. Hij vroeg ook aandacht voor oost-westverbindingen door het gebouw heen. Feron is bang dat ook in de nieuwe opzet het gebouw een gebouw blijft dat "geen interactie aangaat met de omgeving." Hij wees op het idee van architect Jo Coenen, die overal grote binnenhoven maakte in de Ceramique. "Parkjes tussen de gebouwen die wel publiek toegankelijk zijn, maar daar gebeurt toch heel weinig."
De architect van het Rijksvastgoedbedrijf wees erop dat het gebouw vanuit veiligheidsoverwegingen maar één hoofdingang mag hebben. "Het is niet mogelijk extra toegangen te maken."
Mark Feron bleef volhardend: "Ik heb geen moeite met optopping van het gebouw. Maar als ik nu ja zeg tegen dit plan, ben ik van mening dat de invulling op de begane grond een gemiste kans is. We zijn sinds mei vorig jaar met dit gebouw bezig. De invulling van de plint is onvoldoende. Hier ligt een enorme kans. Ik kan het niet anders samenvatten."
De aandacht die Mark Feron en ook Liesbeth Brink vroegen voor de interactie met de omgeving leidde nog tot een discissie met commissievoorzitter Tom Frantzen. Die wees erop dat in deze vergadering alleen het vergroten van het volume, de optopping, en de invulling met de nieuwe functies aan de orde was. Frantzen wees op de consistentie de Welstandscommissie moet betrachten: "De extra ingangen zijn vorige keer ook al een keer besproken. Ook toen zijn die beprkingen vanuit het Rijksvastgoedbedrijf aan de orde gekomen."
Mark Feron: "Ik ga mezelf niet herhalen. Ik draai dat ook niet terug. Ik blijf het een gemiste kans vinden."
Tom Frantzen vatte de inzichten van de Welstandscommissie vervolgens samen als een positief advies over de optopping en de nieuwe functies die in het gebouw komne. "Later komt de architectonische uitwerking. Hoe kun je ervoor zorgen dat je het gebouw uit zijn stedebouwkundig isolement haalt?"


Al ons nieuws is en blijft gratis, maar waardeert u ons werk, steun dan De Nieuwe Ster.
