Inhoudsopgave
In Maastricht weten ze maar al te goed wat het betekent als je een lokale brouwerij verkoopt aan een mondiale speler. Half Nederland dronk eind jaren negentig Wyckse Witte, het witbier van de Ridderbrouwerij. Alles veranderde toen Heineken het bedrijf overnam.
Nee, niet meteen in het begin. Heineken brouwde in die jaren alleen pils, maar zag dat kleine brouwerijen, zoals de Ridderbrouwerij, marktaandeel wonnen, ten koste van het bier uit Amsterdam. Wat doe je dan als wereldspeler? Niet zelf een witbier maken, maar een concurrent kopen. De familie Aubel verkocht de brouwerij aan de Oeverwal in Wyck, opgericht in 1857, aan Heineken.
Na zo'n verkoop komen de verkooppraatjes. Er verandert niets voor het personeel, we blijven bier brouwen in Maastricht en Wyckse Witte blijft zeker bestaan. Enfin, iedereen kent de afloop. Wyckse Witte werd al snel niet meer in Maastricht gebrouwen, maar in een van de fabrieken van Heineken en in 2002 sloot Heineken de brouwerij in Maastricht. Wyckse Witte bestaat niet meer.
Wylre
Na de Ridderbrouwerij viel de Brand brouwerij in 1989 ten prooi aan de expansiedrift van Heineken. De gemoederen bij horeca en bierdrinkers liepen hoog op, maar Heineken beloofde dat er niets zou veranderen, dat Brand gewoon in Wijlre gemaakt zou blijven worden en dat de brouwerij niet zou verdwijnen. In 2022 verdween de pils productie van Brand uit Wijlre, richting elders in het land. Het grootste deel van de brouwerij is gesloopt en er wordt nog op hele, kleine microschaal en dat is dus echt heel klein wat speciaalbier gemaakt in kleine fusten.
Wijnhoven
En dan deze week de overname van de vrije brouwer Gulpener door het Japanse Asahi. De volgende Limburgse familiebrouwerij die zijn wortels loslaat. Martijn Wijnhoven, tot een jaar geleden regiodirecteur Brand Bier schreef naar aanleiding van de verkoop van Gulpener een interessante opinie op Linkedin. Over de verschillen in reacties destijds bij de verkoop van Brand en nu bij de verkoop van Gulpener. "Al in 1989, bij de overname door Heineken, greep het bedrijf zelf naar een verzoenende advertentie, "Gèt ut weer un bitteke?", om de Limburgse gemoederen te kalmeren. Een cafébaas in Maastricht hing hem achter het raam met daaronder in viltstift "Ja Freddy". Geen warmte, maar spot. Diezelfde reflex, wantrouwend en een tikje neerbuigend richting alles wat niet meer zuiver Limburgs leek, zag je in 2022 terug," schrijft Wijnhoven.

Het bier dat wél nog trots is op Limburg
Hij vervolgt: "In 2022 verdween de pilsproductie van Brand uit Wijlre, richting elders in het land. Jean Paul Rutten, directeur van Gulpener, liet zich daar destijds niet onbetuigd over. In De Limburger en op LinkedIn sprak hij over een multinational die de regio in de steek liet, over efficiëntie die won van verbondenheid. Hij ondertekende zijn stuk met "van het bier dat nog wél trots op Limburg is", een knipoog naar de oude Brand-slogan "het bier waar Limburg trots op is". Het sentiment sloeg aan. Nu, bij Gulpener, is die reflex opvallend afwezig. Waar men destijds soms sarcastisch reageerde op Brand, reageert men nu overwegend met begrip en warmte op Gulpener. Wat doet dat met hoe je de felheid van de bewoordingen uit 2022 leest? Was er op zijn minst al een langlopende band met een grote speler (Grolsch/Asahi) die de tegenstelling "onafhankelijke lokale brouwer" tegenover de multinational (Heineken) minder scherp maakte dan de toon van dat stuk deed vermoeden?" vraagt Wijnhoven zich af.
Niet alleen oud-Brandmanager Wijnhoven reageerde. Ook de familie Meens uit Thull, brouwer van Alfabier liet van zich horen. De familie reageerde vrijdag op het nieuws over de overname van de Gulpener bierbrouwerij door het Japanse concern Asahi. "Als gevolg hiervan kregen wij zelf ook veel vragen over het voortbestaan van de Alfa Bierbrouwerij. Daarom deelt de familie Meens graag het volgende antwoord op deze vraag.
Baeter kleine baas es eine groeate knech.
Na de eerdere overnames van Brand Bier door Heineken en Hertog Jan door AB InBev, is dit weer een nieuwe teleurstelling voor de Limburgse biercultuur. Wij wensen de familie en de werknemers van de Gulpener Bierbrouwerij het beste voor de toekomst. Ook wij hebben in het verleden vaker aanbiedingen gekregen, maar toen was het antwoord van onze overgrootvader: “Baeter kleine baas es eine groeate knech.” Dit is nog steeds het motto van ons familiebedrijf.

Ook de vijfde generatie deelt deze visie. We zullen als onafhankelijk bedrijf zelfstandig blijven. Want we voelen als brouwerij onze verantwoordelijkheid om samenhang en cohesie in de maatschappij overeind te houden en zelfs nog te vergroten. Want bier (met alcohol) blijft het smeermiddel van onze cultuur en zorgt voor verbroedering."
Lokale verankering
We kunnen niet in de toekomst kijken, maar of Gulpener, opgericht in 1825, over tien jaar nog bier maakt in Gulpen valt te betwijfelen. De lokale Limburgse bierbrouwers, allemaal familiebedrijven die Gulpener voorgingen kunnen er over meepraten. Voor toekomstige geschiedschrijvers toch maar even een zin om te onthouden uit het persbericht van Gulpener: het unieke karakter, de kwaliteit en de lokale verankering van Gulpener blijven behouden. Net zoals bij de Ridder Brouwerij, net zoals bij Brand Bier, net zoals bij Hertog Jan.
