Doorgaan naar artikel

Rijksdienst: ‘Erfgoed is niet zoveel mogelijk materie behouden’

Leonard de Wit, regiohoofd van de Rijksdienst voor Cultureel Erfgoed houdt de stad de spiegel voor. Wethouder Hubert Mackus (CDA) luistert.

Inhoudsopgave

"Monumentenbeleid draait niet om het koste wat kost behouden van zoveel mogelijk materie", vrij vertaald oude stenen. “Erfgoed is beleving”, zegt Leonard de Wit, hoofd regio bij de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed. De Zeeuw houdt Maastricht deze woensdagmiddag in het Theater aan het Vrijthof een spiegel voor. De tweede monumentenstad van Nederland moet volgens hem beter luisteren, eerder met eigenaren en ontwikkelaars in gesprek gaan en vooral zorgen voor een voorspelbaar vergunningentraject. “Maastricht verdient beter", schreef hij al eerder in een advies.

De Wit komt graag in Maastricht. De mensen zijn leuk, de stad is culinair op orde en haar monumentale karakter zorgt voor wat hij een “historische sensatie” noemt. Dat is een belangrijk unique selling point van de stad. “Wees daar trots op en wees er voorzichtig mee.”

Hij wijst ook op wat Maastricht wél goed doet. De restauratie van de Vief Köp en het onderzoek naar d’Artagnan noemt hij positieve voorbeelden. Ook de voormalige ENCI-groeve biedt volgens De Wit enorme kansen. “Wat een kans voor een stad. Laten we dat cadeautje ook uitpakken.”

De gemeente heeft bovendien twintig miljoen euro gereserveerd, onder meer voor het onderhoud van monumenten, zo constateerde hij. Toch kwam De Wit niet alleen complimenten uitdelen. “Ik kom jullie ook de maat nemen.”

Gedoe

De meeste aanvragen voor het verbouwen van monumenten worden volgens De Wit goed afgehandeld. Tegelijkertijd gaat het nog te vaak mis. Dan ontstaat er "gedoe" tussen initiatiefnemers en de gemeente. Dat gedoe kan uitgroeien tot conflicten waarbij uiteindelijk alleen maar verliezers overblijven.

De oplossing is volgens hem niet om de bescherming van monumenten af te zwakken. Vanuit Maastricht klinkt de roep om beleidsmatig meer ruimte te bieden aan ontwikkelaars. Bastiaens zat op dat spoor. De Wit betwijfelt echter of daarin de werkelijke oplossing ligt. Een rijksmonument heeft niet voor niets een beschermde status. Er blijft een ondergrens aan wat acceptabel is.

Volgens hem moet Maastricht vooral investeren in een andere werkwijze en een andere sfeer. Dat heeft hij vorige week ook tegen wethouder Hubert Mackus gezegd. “Maastricht kan de dienstverlening beter op orde brengen.”

Twee adviseurs

Juist bij de capaciteit knelt het. Maastricht heeft volgens De Wit slechts twee adviseurs voor monumentenzorg. Voor de tweede monumentenstad van Nederland is dat bijzonder weinig. Zij moeten van veel onderwerpen verstand hebben en werken in een omgeving waarin dossiers gemakkelijk verharden.

De kritiek op de gemeentelijke erfgoedambtenaren vindt hij daarom niet altijd terecht. “Doe dat niet. Houd elkaar heel. Het zijn deskundige, hardwerkende mensen. En ja, af en toe heb je zo’n botsing.”

Rond de monumentenzorg in Maastricht is volgens hem een “rotsfeertje” ontstaan, dat ook in de publiciteit zichtbaar wordt. Eigenaren zien de gemeente steeds vaker als een hindermacht. Als dat beeld eenmaal ontstaat, kan de overheid na verloop van tijd ook daadwerkelijk alleen nog maar als hindermacht optreden.

Black box

Het proces rond vergunningverlening kan volgens De Wit “stukken beter”. De gemeente moet eerder naar voren stappen. Iemand die een monument koopt en plannen heeft, moet niet maandenlang in een bestuurlijke black box hoeven staren met de vraag wat er wel en niet mogelijk is.

Een initiatiefnemer moet aan het begin van het traject met de gemeente kunnen praten. Eén telefoontje naar het gemeentehuis zou voldoende moeten zijn om deskundigen aan tafel te krijgen. De ambtenaar kan dan ook zeggen: “Ik zal even met het Rijk bellen om te kijken wat mogelijk is.”

Zo’n gesprek voorkomt dat partijen eerst plannen uitwerken, kosten maken en posities innemen, waarna pas laat blijkt dat de gemeente of de Rijksdienst bezwaren heeft. De Wit wijst naar Den Bosch als voorbeeld. “Ga daar eens kijken. Daar doen ze het echt beter.”

Bij archeologie is het volgens hem gelukt om een duidelijk en voorspelbaar traject in te richten. Dat moet bij monumenten eveneens mogelijk zijn. Een initiatiefnemer hoeft niet vooraf op iedere vraag het gewenste antwoord te krijgen, maar moet wel weten welke stappen worden gezet, wie wanneer adviseert en waarop een besluit uiteindelijk wordt gebaseerd.

Wonen boven winkels

De Wit vindt dat monumenten goede, eigentijdse functies moeten krijgen. Wonen boven winkels is daarvan een belangrijk voorbeeld. Het levert woningen op, helpt de exploitatie van historische panden en voorkomt leegstand en verval.

Dat kan pijn doen bij erfgoedbeschermers, erkent hij. Voor nieuwe functies zijn soms ingrepen nodig. “Niets blijft onveranderd in deze wereld.” De economische, sociale en maatschappelijke betekenis van een gebouw moet daarom worden meegewogen.

Ook initiatiefnemers hebben volgens De Wit een verantwoordelijkheid. Wie een monument koopt, weet dat aan zo’n pand beperkingen verbonden zijn. Daar staat financiële steun tegenover. Eigenaren van een rijksmonument kunnen volgens hem 38 procent van bepaalde onderhoudskosten bij het Rijk terugkrijgen. “Accepteer dan ook een zekere beperking.”

De kunst is niet om iedere verandering tegen te houden, maar om bij een transformatie te zoeken naar een evenwicht. Soms gaat monumentale waarde verloren, terwijl op een andere plek juist kwaliteit wordt toegevoegd. Architecten kunnen daarin een belangrijke rol spelen door historische gebouwen geschikt te maken voor wat de samenleving nu nodig heeft.

Niet meer regels

Meer regels opschrijven is volgens De Wit niet de oplossing. Als wetgevingsjurist kent hij het belang van regels en bevoegdheden, maar monumentenzorg blijft mensenwerk. Een lijst maken met wat wel en niet mag, kan nooit alle situaties ondervangen.

“Het fijne van erfgoed is juist dat het ruimte biedt. Erfgoed is niet absoluut.”

Wel moet de overheid duidelijk zijn over het proces en over wat partijen van elkaar mogen verwachten. Ook moet goed worden gekeken wie namens de gemeente het eerste gesprek met een eigenaar of ontwikkelaar voert. Niet iedere deskundige is geschikt om in de frontlinie te staan. Daar is volgens De Wit een bepaald type mens voor nodig: iemand die kennis heeft, kan luisteren en voorkomt dat partijen direct in een impasse belanden.

Dat is de atmosfeer die volgens De Wit rond de Maastrichtse monumentenzorg zou moeten ontstaan. Niet de vraag hoe iedere steen onveranderd kan blijven, maar hoe historische gebouwen hun betekenis behouden en tegelijk een bruikbare toekomst krijgen. “Erfgoed is niet zoveel mogelijk materie behouden. Erfgoed is beleving.”

Rijksdienst over Balkgate: “Maastricht verdient beter”
De Rijksdienst voor Cultureel Erfgoed (RCE) haalt - in ambtelijk taalgebruik - vernietigend uit naar de afdeling Cultureel Erfgoed van de gemeente Maastricht. Dat doet de RCE in de kwestie Balk-gate: Het plan van Tom Schilderman om vier woningen te realiseren boven de winkel in de Kleine Staat 20. Dat plan
Wonen boven Winkels is dood, leve Wonen boven Winkels!
Maastricht, al jaar en dag een succesvolle winkelstad in een mooi historisch decor. Monumentale panden, karakteristieke bestrating. Maar wie omhoog kijkt, ziet bóven al die winkels heel veel spinnenwebben op de ramen, afgebladderde kozijnen, kapotte ramen, leegstand en ook verloedering. De binnenstad boven de begane grond is vooral in gebruik

Gratis nieuwsbrief, niks meer missen
Wilt u ook van maandag tot en met zaterdag vóór 6.00 uur het laatste nieuws over Maastricht in uw mailbox? Meld u dan gratis aan voor de nieuwbrief van De Nieuwe Ster. Meer dan 20.000 trouwe lezers gingen u al voor. Het enige wat wij van u vragen
Maak De Nieuwe Ster je Google-favoriet Zie ons lokale nieuws vaker terug in Google.
Maak favoriet →
Beste lezer,
Al ons nieuws is en blijft gratis, maar waardeert u ons werk, steun dan De Nieuwe Ster.

Laatste Nieuws

Ons nieuws is en blijft altijd gratis als je je inschrijft voor de gratis nieuwsbrief

Er is iets misgegaan. Probeer het later opnieuw

Bedankt voor uw aanmelding. Controleer uw e-mail om de inschrijving af te ronden