Inhoudsopgave
Aannemer Wim Knols is 72. Hij is de vierde generatie in het aannemersbedrijf dat in 1895 werd opgericht door zijn overgrootvader. "Als je in de Grote Staat en de aanliggende straten loopt, denk ik dat ons bedrijf in die 131 jaar de helft van de panden wel een keer onderhanden heeft gehad."
Meer dan genoeg ervaring met het opknappen en moderniseren van de historische binnenstad. Dan weet je wat wel en niet kan en mag en dan weet je hoe de hazen lopen. Zou je zeggen. Maar zelfs voor deze ervaren aannemer is het geduld dat hij met de gemeente heeft zo ongeveer helemaal op. Hij is al 3,5 jaar bezig met het verkrijgen van een vergunning om acht appartementen boven winkels te maken aan de Mariastraat en, via een ontsluiting aan de achterkant van dat pand, ook aan de Muntstraat.
Knols: "Ik ben nu bezig aan de begroting met de letter 'O'. Dat is, even tellen, de vijftiende begroting." Zijn architect heeft een lijstje opgesteld van de werkzaamheden die hij voor Knols, veelal op verzoek van de gemeente, heeft verricht. De eerste tekeningen zijn ingediend op 24 februari 2023. Het lijstje staat vol met woorden als aanvulling, aanpassing, aangepaste details, aanvullende stukken en gebrekenlijst.
De houten trap moet in originele staat hersteld worden, het ornament aan het plafond ook, net als een deel van deze plafonds.
In die 3,5 jaar heeft Knols voortdurend proberen te voldoen aan de wensen van de afdeling cultureel erfgoed van de gemeente Maastricht. Knols leidt ons rond in de akelig vervallen ruimtes. Trap op, trap af, kruip door, sluip door. Hij herhaalt in twee uur tijd misschien wel zes, zeven keer deze zin: "Ik wil geen zeikerd zijn. Ik vind Maastricht een fantastische stad. Ik ben hartstikke voor het bewaren van monumentale waarde. Ik kan leven met heel veel eisen die gesteld worden. Maar waarom moet dat 3,5 jaar duren? Dat moet toch ook binnen één jaar kunnen?"
Knols: "Elke keer komt er iets nieuws naar voren waar ik op moet reageren, waar weer een rapportje van gemaakt moet worden, waar ze nieuwe detailtekeningen en detailfoto's van willen hebben. We hebben in Maastricht al zeker veertig jaar gewerkt met smalle voorzetwandjes. Dat is ideaal, want daarachter kun je leidingen wegwerken en isolatie aanbrengen. Hartstikke goed voor het comfort en voor de energie. Nu is ineens het beleid om dampdoorlatende kalkmortel op de muren aan te brengen. Dan kan het vocht via de muren naar de buren. Dat betekent dat je alle leidingen in de muren moet gaan frezen. Dat is pas een aantasting van een monument."
De lijst van punten die vanuit de gemeente steeds in worden gebracht is lang. "Dan moeten alle schouwen hersteld worden. Vervolgens is er een ornament dat in zijn oorspronkelijke staat teruggebracht moet worden. Er is een houten trap die vol zit met houtworm, waarvan treden ontbreken en kapot zijn, waarvan de leuningen ontbreken. Die zou in de originele staat hersteld moeten worden. Waarom niet eenzelfde houten trap nieuw namaken? De plafonds zijn voorzien van halve rondjes tussen de balken. Dat is gemaakt met twijgjes die gespannen werden en dan afgestuct werden. Een deel van dat plafond moet hersteld, maar als je een verdieping hoger eroverheen zou lopen, zak je er meteen doorheen. Volkomen vergaan."
Een van de schouwen die hersteld moet worden. Het pand raakt steeds verder in verval en overal laat Knols zien wat de staat van de balken is. Met zijn handen kan hij er stukken vanaf pulken.
In de rondleiding van twee uur is Knols een waterval. "Even later heb ik een gesprek en wordt me gevraagd hoe ik de tussenmuren ga slopen, waar de stalen kolommen voor de stabiliteitsspanten in komen te staan. Hup, weer een volgend rapportje maken."
Dat rapportje is nog niet af, of ik moet aangeven hoe ik het voegwerk ga herstellen. Hoe ik het oude ornament dat veel schade heeft opgelopen weer terug ga brengen."
En dan komt Knols' mantra weer. "Ik wil geen klager zijn. Ik snap dat er veel eisen zijn. Ik ben voor het behoud van monumentale waarde. Ik klaag ook niemand persoonlijk aan. Maar het systeem klopt gewoon niet meer. Waarom moet een vergunning nu al 3,5 jaar duren terwijl ik hem nog steeds niet heb? Waarom kan niet in één keer gekeken worden wat behouden moet blijven en wat niet."
De opmerkingen van de afdeling cultureel erfgoed zijn niet vrijblijvend. Knols: "Elke aanpassing kost geld, maar dat lijkt cultureel erfgoed niet te deren. Beleggers en investeerders moeten al diepe zakken hebben om deze panden in de binnenstad te herstellen. 3,5 jaar wachten en nog steeds geen vergunning hebben, dat kost nu al enkele tonnen meer. Gaande de rit moet je steeds kosten maken, alles wordt duurder en je kunt al jaren niet verhuren. Dat is niet meer uit te leggen. Je komt op een punt dat het financieel zinloos wordt, zeker als 60% ook nog eens sociale huur moet zijn. Ik hoor ook van beleggers dat ze om die reden Maastricht liever mijden. Van anderen weet ik dat ze gewoon verbouwen zonder de gemeente nog in te lichten: laden en lossen om 6.00 uur s'morgens en voor half acht weg zijn met het puin. Dan is nog geen ambtenaar actief."
Knols wil gaar meewerken aan behoud van monumentale waarde. "Maar waarom kun je niet in één keer zeggen wat behouden moet blijven. Waarom moet dat minstens 3,5 jaar duren?"
Knols zegt dat zo'n 3,5 tot 4 jaar geleden de problemen verergerd zijn. "Als je nu in algemene zin een overleg op de gemeente hebt, kijk je wie er allemaal aanschuift. Hoor je steeds: dat is die en die, hij is jurist en wil toch even graag bij het gesprek zitten om te zorgen dat alles goed vastgelegd wordt."
Nog niet zo heel lang geleden ging dat anders. "Vroeger liep ik naar het stadskantoor naar de opzichters. Soms samen met de architect. Vertelden we waar we tegenaan liepen. 'Hoho, wacht even', werd dan gezegd. We drinken eerst koffie. Dan werd in onderling overleg een oplossing gezocht en konden we verder. De opzichters waren niet minder streng maar wel veel praktischer. 'Dit willen we zo en zo hebben. Let daar goed op', zeiden ze dan. En dan wisten wij waar we aan toe ware en dan maakten wij dat ook zoals afgesproken. Maastricht heeft nog steeds uitstekende opzichters. Ze zouden meer zeggenschap moeten krijgen. Die opzichters begrijpen soms ook niet meer waarom alles zo lang moet duren."
Knols: "Ik wil niemand tegen de schenen schoppen. Echt niet. Maar ik geef een voorbeeld hoe het ook kan. Laatst werd ik gebeld. Had ik een ambtenaar van de gemeente Eindhoven aan de lijn. 'Meneer Knols, u gaat bij ons dat en dat project doen?' Ik zeg: Ja. Zegt ze: 'Wat fijn. Waarmee kunnen we u van dienst zijn?' Hetzelfde in Heerlen. Knols: "Dan word me de vraag gesteld waarmee ze mij kunnen helpen. Dat is een vraag die ik in Maastricht nog nooit heb gehoord. En ik doe alles wat de gemeente vraagt. Een tweede elektrisch busje staat nu in bestelling en ik denk na over een derde bus. Anders kom je de binnenstad niet meer in. Als ondernemer moet je zaken kunnen plannen. Maar dat is in Maastricht heel moeilijk geworden. Er zijn nu zoveel regels dat alles stroperig is geworden. Het klinkt misschien tegenstrijdig, maar door al die regels weet je ook niet meer waar je aan toe bent."
Links het pand aan de Mariastraat, rechts de panden aan de Muntstraat.
De aannemer denkt dat Maastricht veel beter over zou kunnen stappen op de aanpak zoals veel gemeenten die hebben. Die werken met een case-manager die jouw aanvraag voor een vergunning door de hele ambtelijke organisatie loodst. Stel een deadline: binnen een jaar moet de vergunning er ook zijn. Als je de stad in vier kwadranten zou opdelen, dan maak je het al een stuk overzichtelijker. Als je maximaal een jaar kunt doen over een vergunning, bespaar je als gemeente zelf ook heel veel tijd. Dat is de manier om iets aan het tekort aan ambtenaren te doen. Als ik een werk aanneem, moet ik ook zorgen dat ik het op tijd af heb. Dat zou ook voor de gemeente moeten gelden."
Knols wijst ook op het recente advies van de Rijksdienst voor Cultureel Efgoed in de kwestie Balkgate. "Maastricht verdient beter", schreef de rijksdienst op. Die rijksdienst denkt dat het behoud van monumenten juist gediend is met een veel praktischer en ook sneller beleid, waardoor ze weer veel sneller een functie krijgen. Knols kan het beamen: "Kijk, als je niks mag doen, gaat het verval steeds verder. Houtwormen gaan door." Hij 'plukt' zo enkele stukken van houten balken af om het even te laten zien. Hij wijst op een grote scheur. "Hier zie je dat de voorgevel al los begint te staan. De Rijksdienst ziet heel goed dat je monumenten niet beschermd door alleen maar alles tegen te houden, niet meer te kijken naar welke kosten nog verantwoord zijn en soms zelfs bijna het onmogelijke te vragen."
