Inhoudsopgave
De rel rond de botresten (een stukje bovenarm en twee tandjes) die de pas geridderde archeoloog Wim Dijkman bij een vriend in bewaring heeft gegeven, is volledig geëscaleerd. Het gaat om resten die uit het graf van mogelijk d'Artagnan zijn meegenomen. Dijkman is aangehouden door de politie.
Het verhaal neemt steeds meer een bizarre proportie aan. Vandaag viel bij Dijkman thuis een sommatie van de gemeente Maastricht op de mat. Geëist werd dat hij de botresten uiterlijk vrijdag moet inleveren. Die sommatie volgt op een bezoek maandag van de Erfgoedinspectie bij Dijkman thuis in Belfort. Daarbij waren ook al drie agenten aanwezig.
Dijkman die al decennia onderzoek doet naar het graf van d'Artagnan is niet van plan de botresten terug te geven. Dijkman wil bemoeienis blijven houden met het onderzoek en via het bezit van de botresten heeft hij dat nog, zo is zijn redenering. Dijkman vindt dat er sprake is van "eerroof" in deze kwestie. Hij voelt zich op een zijspoor gerangeerd, terwijl hij vier jaar geleden al met de biografe Odile Bordes van d'Artagnan in de kerk van Wolder liep. "Hier moet hij ergens liggen", zei de biografe. Dat is te zien in een documentaire van de Duits-Franse zender Arte, die L1 recent uitzond.
De Nieuwe Ster sprak woensdagmiddag thuis met de partner van Wim Dijkman, Esther. "Rond 15.00 uur kwamen twee mannen aan onze deur. Een van deze mannen was een geüniformeerde politieagent. Zij gaven aan dat Wim nu mee moest naar het politiebureau. Hoe en wat precies weet ik niet, maar Wim is sindsdien telefonisch niet meer bereikbaar."
Zijn partner geeft aan dat Wim Dijkman al zijn hele leven op zoek is naar d'Artagnan. Het vinden van het graf van d'Artagnan was zijn droom. Een paar jaar geleden werd hij gevraagd om, samen met een vereniging rond het kerkbestuur in Wolder, nader onderzoek te doen. Iedereen was in het begin enthousiast en gezamenlijk werden de schouders eronder gezet. Esther: "Dat veranderde allemaal toen de eerste botresten werden gevonden. Wim vertelde mij dat op dat moment de houding van iedereen veranderde. Iedereen wilde met de eer gaan strijken. Wim vindt en vond dat verschrikkelijk".
Eind april kreeg Dijkman nog een hoge koninklijke onderscheiding. De burgemeester ridderde hem in het Kruisherenhotel. De onderscheiding werd Dijkman opgespeld nadat het mogelijke graf van d'Artagnan al was gevonden. De aanvraag voor de onderscheiding is al ruim voor de bekendmaking van de vondst in Wolder gedaan.
Esther: "In een maand tijd is veel veranderd. Eerst werd hij geridderd en nu wordt hij als een crimineel behandeld. Maar ik ken mijn man. Hij zei onlangs nog tegen mij 'Als ik voor D'Artagnan de gevangenis in moet, dan doe ik dat'. Dat lijken nu haast profetische woorden te zijn geweest."
Rond 20.00 uur had Esther nog steeds niets van haar partner vernomen. Wel had zich inmiddels een strafrechtadvocaat gemeld om Wim Dijkman bij ten staan. Deze strafrechtadvocaat kon echter onverrichter zaken weer huiswaarts keren. De politie liet deze strafrechtadvocaat weten dat Wim Dijkman al een advocaat had toegewezen gekregen.



