Inhoudsopgave
Een vrouw gaf een vriend 3000 euro om in cryptovaluta te beleggen. Dat gebeurde ook, maar de crypto verdampte volledig. Daarop eiste de vrouw het geld terug van haar vriend. Vergeefs. De Maastrichtse kantonrechter heeft bepaald dat een bekende die de cryptomunten voor haar kocht, het verloren geld niet hoeft terug te betalen. Dat beleggen risico’s met zich meebrengt, is volgens de rechter een feit van algemene bekendheid.
De vrouw maakte in juli 2024 een bedrag van 3000 euro over aan een bekende. Hij zou het geld namens haar investeren in cryptovaluta. De gekochte crypto raakte vervolgens in een vrije val en werd uiteindelijk niets meer waard.
De vrouw stapte daarop naar de rechter. Ze eiste in totaal 3890 euro terug: de oorspronkelijke inleg, rente en incassokosten. Volgens haar had de man beloofd dat zij geen enkel risico liep en dat hij de volledige 3000 euro zou terugbetalen als de belegging verlies zou opleveren.
Als bewijs verwees ze naar WhatsApp-berichten van de man. Daarin schreef hij onder meer: „Ik weet dat ik je dit had beloofd” en: „Ik ga je proberen in de toekomst om het terug te geven.”
De Maastrichtse kantonrechter vindt die berichten onvoldoende bewijs voor een harde terugbetalingsgarantie. Het woordje „dit” kan volgens de rechter op meerdere manieren worden uitgelegd. De man stelde dat hij alleen had bedoeld dat hij zou proberen nog iets van het verlies terug te halen.
Wel staat vast dat de man de 3000 euro daadwerkelijk heeft gebruikt om cryptovaluta voor de vrouw te kopen. Daarmee heeft hij zich volgens de rechter aan de aantoonbare afspraak gehouden.
De vrouw stelde ook dat haar bekende haar op een ongelukkig moment had overgehaald. Hij zou ’s ochtends om zes uur onaangekondigd voor haar deur hebben gestaan, terwijl zij nog slaperig en beschonken was na een avond stappen. Omdat zij weinig verstand had van beleggen en hem als vriend vertrouwde, zou hij misbruik hebben gemaakt van de omstandigheden.
De man bestreed dat verhaal. Volgens hem hadden zij vooraf afgesproken elkaar vroeg in de ochtend te ontmoeten, nadat hij klaar was met zijn nachtdienst. De aankoop van de cryptomunten duurde bovendien ongeveer een uur. De vrouw had volgens de rechter dus voldoende tijd om zich te bedenken.
Ook het argument dat de man haar onvoldoende voor de risico’s had gewaarschuwd, houdt geen stand. Hij handelde niet als professionele belegger of financieel adviseur, maar hielp haar als particulier bij de aankoop.
„Het is een feit van algemene bekendheid dat er risico’s zitten aan beleggen”, stelt de Maastrichtse kantonrechter. Koersen kunnen stijgen, maar ook dalen, waardoor een deel van de inleg of zelfs het volledige bedrag verloren kan gaan. De vrouw wist bovendien naar eigen zeggen dat investeren in cryptovaluta riskant was.
De rechter wijst alle vorderingen af. Naast haar verloren inleg van 3000 euro moet de vrouw nu ook 720 euro aan proceskosten betalen. Daarmee bedraagt haar financiële schade minstens 3720 euro.

Al ons nieuws is en blijft gratis, maar waardeert u ons werk, steun dan De Nieuwe Ster.