Inhoudsopgave
Echo's van de Stokstraat, noemde socioloog Jeroen Moes zijn bijdrage maandagavond aan het Stokstraatgesprek. Volgens Moes is er nog steeds sprake van een ernstige segregatie in Maastricht, alleen heeft die nu andere gedaanten aangenomen. Hij noemde er een paar, waaronder Wittevrouwenveld. "Dat had een enorm effect in een wijk waarin veel mensen met een kleine beurs woonden, want die mensen voelden de druk van de markt om plat gezegd op te sodemieteren."
In dat Stokstraatgesprek vertelden oud-bewoners over hun ervaringen, hoe ze als tweederangsburgers behandeld werden. In de jaren vijftig en zestig werden de bewoners van de Stokstraat gedeporteerd naar woonschool de Ravelijnen, naar Wittevrouwenveld en Heugemerveld. Ze moesten worden heropgevoed. In een rapport van priester-socioloog en sociaal-geograaf Harrie Litjens werden de mensen 'gedegenereerd' genoemd en 'onmaatschappelijken'. Bewoners kregen de vermelding 'debiel' in hun dossier.
Burgemeester Wim Hillenaar maakte maandagavond voor het eerst excuses namens het gemeentebestuur voor deze beschamende geschiedenis. Hillenaar vond excuses op zijn plaats, maar zei dat het nog belangrijker is dat we een herhaling van die geschiedenis voorkomen.
Wie goed luisterde naar Moes, hoorde hoe de socioloog van de Universiteit Maastricht overal de nieuwe manier van segregeren ziet. "Die ideeën van segregatie leven nog steeds."
Moes: "Met de ogen van nu lijkt het absurd dat je mensen uit hun woning trekt en ze gedwongen verplaatst. Maar kijk eens naar wat we nu stedelijke vernieuwing noemen. Nu zoeken we naar een sociale mix, zetten we duurdere huizen tussen sociale woningen in de hoop dat zo'n wijk verbetert. In de praktijk werkt dat beleid helemaal niet. Wat gebeurt is dat je mensen wegjaagt die vroeger in zo'n wijk woonden en zich daar thuisvoelden. Via dergelijke 'stedelijke vernieuwing' gebeurt de ontruiming zoals de vroeger in de Stokstraat gebeurde, maar dan nu indirect."
Volgens Moes kun je ook kijken naar bijvoorbeeld het Wittevrouwenveld. Het is een voorbeeld dat hij zijn studenten vaak voorhoudt. Die wijk stond al achter een stalen muur: spoorrails en het station dat je maar op één plaats over kon steken. Vervolgens werd de A2-snelweg in de stad aangelegd. Dat was de tweede muur waardoor Wittevrouwenveld verder van de stad werd gescheiden. Wat gebeurde er na de ondertunneling? Een muur viel weg en er kwam veel meer dynamiek met het gebied aan de andere kant van de snelweg. En nu komt het: de huizen in Wittevrouwenveld stegen gemiddeld 30% meer in prijs dan de andere woningen in Maastricht die ook al fors in prijs omhoog gingen. Een enorm effect in een wijk waarin veel mensen met een kleine beurs woonden, want die mensen voelden de druk van de markt om plat gezegd op te sodemieteren."
Moes ging ook nadrukkelijk in op de taal in de stad. Niet alleen het verschil tussen Engels, Nederlands en Maastrichts. Nee, de taal die gebruikt wordt om te segregeren, de taal van de overwinnaars. Waarom noemen we nieuwe wijken Céramique en Belvédère? We spreken toch geen Frans in Maastricht. Waarom? Dat is sjiek en sjoen, dat is geschiedenis zult u misschien zeggen. Dat zijn Franse namen, dus over wiens geschiedenis hebben we het dan? Wie sprak er Frans. De elite. De hele familie Regout sprak Frans. De doktoren en de rechters spraken Frans. De arbeiders spraken dialect. Zie hier hoe in namen de machtsverhoudingen worden vastgelegd in de nieuwe ruimtes."
Moes gaf ook aan hoe het werkt als er nieuwbouwprojecten zijn. Ook die krijgen chique namen. Dan komt een projectontwikkelaar in een duur pak een informatie-avond houden. De gemeente stuurt veel onderzoekers het veld in om aan participatie te voldoen, om de mensen naar hun mening te vragen. Maar dat is allemaal heel formeel. Heel veel bewoners voelen zich op die informatie-avonden niet thuis, totaal niet op hun gemak. Die denken: dat is niet voor ons."
De socioloog vindt dat de gemeente een belangrijke taak heeft als het gaat om de 'taal' die in de stad gesproken wordt. Hij liet een paar voorbeelden zien van ambtelijke taal over participatie. "Totaal onbegrijpelijk. De gemeente heeft een bijzondere rol, want ze is er voor de burgers."
Ook schrijver Frank Bokern van het boek 'Crapuul' memoreerde dat Maastricht nog steeds in de top drie staat van meest gesegregeerde steden in Nederland. "Raar dat boeken toch meestal het verhaal vertellen van de winnaars van de geschiedenis. De rijke lui."
Bokern haalde uit naar het "schandalige rapport" van Harrie Litjens over de bewoners van de Stokstraat. "Alleen vooroordelen bevestigen zodat ze afgevoerd konden worden. Stigmatiseren. Ze dwingen te verhuizen naar aangewezen plekken voor een gedwongen heropvoeding. Dat is in strijd met de Grondwet en met mensenrechtenverdragen. Vervolgens kwam hoogleraar Ad Knotter, die de geschiedenis naar zijn hand zette en Regout en Litjens in bescherming nam.
Bokern: "Jarenlang gold in Maastricht de afspraak dat niet over Harry Litjens mocht worden geschreven. Day roept de vraag op: wie bepaalt discours in de stad?Wie bepaalt waar over geschreven mag worden? Wat het verhaal van de stad is? Dat is de elite. De mensen uit sjieke buurten, zij zitten overal in de besturen. Opvallend is dat de mensen in buitenwijken de dragers van Maastricht zijn. De elite is voor een deel import."
Bokern: "Bij het afvoeren uit de krottenwijken is de armoe meeverhuisd. Het inkomen van die mensen ligt nu nog steeds 40% lager dan gemiddeld in Nederland. Maastricht is de op twee na meest gesegregeerde stad in Maastricht. Segregatie is nu een topprioriteit van stadsbestuur. Dat is een goede zaak. Pak de armoede aan die van generatie op generatie is overgedragen. Sloop de muren tussen rijk en arm. Anders gaan ze op extreem-rechts stemmen. Dat is bijzonder wrang. Want juist deze mensen moesten zelf oprotten naar buitenwijken. Ze moesten ook verplicht inburgeren, al heette dat toen heropvoeding."



