Inhoudsopgave
De VVD wil investeren in een tweede scanauto die foutparkeerders opspoort, om met de extra opbrengsten de OZB-belasting te kunnen verlagen. Fractievoorzitter Siem Verkoijen heeft daarvoor een motie voorbereid die dinsdagavond wordt behandeld in de gemeenteraad.
De VVD is recent in de coalitie-besprekingen juist akkoord gegaan met een verhoging van de OZB-belasting. VVD-voorman Guiseppe Noteborn gaf recent in een raadsdebat - net voordat hij tot wethouder werd benoemd - al aan dat dat "pijnlijk" was voor de VVD. Hij reageerde daarmee op aanvallen vanuit met name de oppositie die erop neerkwamen dat de VVD alles heeft weggegeven aan eigen standpunten om maar in het college te kunnen komen. Dat ontkende Noteborn in alle toonaarden.
De VVD dient de motie nu in bij de behandeling van de jaarstukken 2025. Uit die stukken blijkt dat de opbrengst uit naheffingen parkeren 811.000 euro hoger is uitgevallen dan begroot, zo citeert de VVD. De gedachte is dat als de pakkans vergroot wordt, dat extra geld voor de stad oplevert.
Fractievoorzitter Siem Verkoijen ziet de motie niet als een reparatie van een verkiezingsbelofte. Verkoijen: "Als VVD'er zie ik heel veel in het coalitie-akkoord waar ik oprecht heel blij van word. Ik zie dit niet als repareren. Het is een kans die zich voordoet om extra geld op te halen door strenger te handhaven op regels. En dat geld kun je dan mooi aanwenden om de OZB-belasting bij te sturen."
De OZB is de grootste 'eigen' inkomstenbron voor de stad, waarbij ze zelf de hoogte kan bepalen. In 2026 werd voor bijna 46 miljoen euro aan OZB-belasting opgehaald. Maastricht krijgt jaarlijks 726 miljoen euro binnen vooral via het Rijk.
Maastricht zit overigens goed in de slappe was. Het overschot in 2025 bedroeg dik 28 miljoen euro. Het eigen vermogen groeide daardoor naar 184 miljoen euro. De coalitie heeft de ambitie uitgesproken om zeker 120 miljoen euro extra te gaan investeren.
De reden voor de overschotten van de afgelopen jaren is overigens dat alle beloftes simpelweg niet waargemaakt kunnen worden door bijvoorbeeld een gebrek aan personeel, door gebrek aan partijen in de markt zoals ingenieursbureaus en aannemers.




